Sinds Apple zijn ambitieuze AI-strategie aankondigde, vraagt iedereen zich af: heeft Apple zijn ziel aan Google verkocht? Is "Apple Intelligence" slechts een flitsende façade voor de Google Assistent? De topmanagers van Apple, onder leiding van Craig Federighi, hebben de zaken nu resoluut en, zoals gebruikelijk, met een vleugje ironie opgehelderd. In een uitgebreide technische presentatie onthulde het bedrijf details van zijn nieuwe Foundation Model Architecture (AFM) en stelde dat de aanwezigheid van Google Assistent of de bijbehorende zoekmachine-infrastructuur binnen het Apple-systeem "absoluut nul" is. Laten we de intrigerende details achter deze veelal verkeerd begrepen samenwerking eens nader bekijken.

De verhouding is nul: Craig Federighi legt de waarheid uit.

Tijdens een speciale technische sessie na de hoofdconferentie sprak Craig Federighi, Apple's uitvoerend vicepresident van software-engineering, samen met leiders van de AI- en Siri-persoonlijke assistent-teams. Federighi ontkrachtte de geruchten ondubbelzinnig en verklaarde: "We gebruiken Google Assistant helemaal niet!" Hij verduidelijkte dat Apple geen van Google's Gemini-modellen, client-side code of zelfs Google's zoekmachine-infrastructuur gebruikt als kennisbasis voor het iPhone-besturingssysteem.
Deze krachtige verklaring slaat de deur dicht voor sceptici die dachten dat Apple de AI-race had opgegeven en simpelweg technologieën van anderen in een nieuw jasje had gestoken. Apple bouwt aan zijn eigen imperium, en zoals gebruikelijk, met privacy als belangrijkste prioriteit.
Apple's Foundation Model Family (AFM): Vijf Ridders van Intelligentie

Amar Subramania, senior vicepresident van kunstmatige intelligentie bij Apple, onthulde details over de nieuwe reeks modellen, die zijn onderverdeeld in twee niveaus: modellen voor gebruik op het apparaat zelf en modellen voor gebruik in de privécloud. De modellen voor gebruik op het apparaat omvatten het basismodel AFM Core en het geavanceerde model AFM Core Advanced, dat gebruikmaakt van een unieke architectuur waardoor het volledig geschikt is voor multimedia en expressieve stemmen en complexe verzoeken rechtstreeks op de iPhone kan verwerken zonder internetverbinding.
Aan de cloudzijde zijn er drie modellen: AFM Cloud voor snelle bewerkingen, AFM Cloud Image voor het genereren, bewerken en ruimtelijk herkaderen van afbeeldingen, en tot slot het krachtigste model, AFM Cloud Pro, ontworpen voor complexe taken en geavanceerd logisch denken, dat qua prestaties kan wedijveren met de krachtigste toonaangevende modellen van Google.
Hoe hebben Google en Nvidia geholpen bij het trainen van de modellen?

Als het percentage nul is, wat is dan het verhaal achter de samenwerking met Google? De waarheid ligt in twee fasen: training en cloudinfrastructuur. De eerste vier modellen werden getraind met Apple Silicon-processors en Apple-specifieke data, maar ze werden verfijnd en gepolijst met behulp van de output van Gemini-modellen (technisch bekend als kennisdestillatie). Dit betekent dat Apple de output van het model gebruikte om zijn eigen modellen te trainen, in plaats van het model zelf in het systeem te integreren.
Voor het krachtigere AFM Cloud Pro-model wilde Apple de nieuwste grafische chips van Nvidia gebruiken om veeleisende taken aan te kunnen. Omdat deze chips in de cloud van Google worden gehost, werkte Apple samen met beide bedrijven om zijn Private Cloud Compute-infrastructuur uit te breiden. Om absolute privacy te garanderen, werd Nvidia's geavanceerde beveiligingstechnologie, Ambiguous Confidential Compute, ingezet, waardoor de servers van Google gebruikersgegevens volledig niet konden lezen of openen.
De slimme coördinator: hoe werken de systemen samen?


De curator maakt gebruik van geïntegreerde tools zoals de 'App Toolbox' om taken binnen apps uit te voeren, de Spotlight-semantische indicator om uw persoonlijke context te begrijpen, en de World Knowledge Service, die Apple in de loop der jaren heeft ontwikkeld om algemene vragen en actuele gebeurtenissen te beantwoorden zonder dat een externe zoekmachine nodig is.
Bron:



Een commentaar